Ruim een vijfde van de Brusselaars is jonger dan 18. Al die Brusselse kinderen en jongeren moeten naar school. En ook heel wat leerlingen van buiten Brussel worden aangetrokken door het onderwijs in Brussel.
Op het grondgebied van het Brussels hoofdstedelijk gewest bestaan er twee onderwijssystemen naast elkaar: het Nederlandstalig onderwijs en het Franstalig onderwijs. Ouders die in het Brussels gewest wonen, kunnen kiezen of ze hun kind(eren) naar het Nederlandstalig of Franstalig onderwijs sturen. Die keuzevrijheid, de zgn. 'vrijheid van het gezinshoofd', bestaat opnieuw sinds 1971, nadat ze in 1963 eerst was afgeschaft.
Het Nederlandstalig onderwijs in Brussel telt vandaag ongeveer 80 000 kleuters, leerlingen en studenten.