Home - Zoek - Sitemap - Contactinfo - Reageer - Vacatures - Links - Brussel in kaart
Algemeen Cultuur, Jeugd en Sport Welzijn en Gezondheid Onderwijs
Situering
Regeerakkoord
Financiën
Het College
De Raad
Administratie
Bibliotheek
Gemeenschapscentra
Scholen
logo vlaamse gemeenschapscommissie

Over het Brussels Nederlandstalig onderwijs

Leerlingentelling op 1 februari 1998

Eén februari is een belangrijke dag voor alle onderwijsinstellingen van de Vlaamse Gemeenschap: op die datum worden alle kleuters, leerlingen en scholieren officieel geteld. Het is op basis van deze cijfers dat elke individuele school en vestigingsplaats het aantal lestijden toebedeeld krijgt dat zij tijdens het volgende schooljaar kunnen organiseren. En deze lestijden op hun beurt bepalen het aantal ambten en klassen dat de scholen kunnen inrichten.

Ook de VGC organiseert op 1 februari een leerlingentelling. Deze telling moet ons niet alleen toelaten de officieuze cijfers van de spoedtelling van 1 september te toetsen, maar moet ons ook vooral de nodige inzichten verstrekken inzake enerzijds de samenstelling van de schoolbevolking in de verschillende onderwijsniveaus en anderzijds de doorstroming van het ene onderwijsniveau naar het andere.

Dit document geeft de volgende resultaten:


1. Kleuteronderwijs


1.1 Kleuteraantallen op 01.02.1997 en op 01.02.1998

netaantal leerlingen evolutie
01/02/9701/02/98aantalrelatief
gemeente
gemeenschap
vrij
2648
2449
3754
2690
2648
3838
42
199
84
1,59%
8,13%
2,24%
totaal885191763253,67%
(Overname van cijfers toegestaan mits bronvermelding)

Op 1 februari 1998 telde het kleuteronderwijs 325 (+ 3,67%) kinderen meer dan op 1 februari van het vorige jaar : het ging van 8.851 naar 9.176.


1.2 Herkomst van de kleuters naargelang hun woonplaats

netbinnen Brussels gewestbuiten Brussels gewesttotaal
aantalaandeelaantalaandeel
gemeente
gemeenschap
vrij
2275
2252
2944
84,6%
85,0%
76,7%
415
396
894
15,4%
15,0%
23,3%
2690
2648
3838
totaal747181,4%170518,6%9176
(Overname van cijfers toegestaan mits bronvermelding)

De overgrote meerderheid van de kleuters, te weten 7.471 of 81,4%, woont binnen het Brusselse hoofdstedelijk gewest; de overige 1.705 of 18,6% wonen buiten de 19 gemeenten. Het is opvallend dat het gemeenschapsonderwijs, meer nog dan het gemeentelijk net, binnen Brussel en dus in de eigenlijke schoolomgeving recruteert.


1.3 Herkomst van de kleuters naargelang hun culturele achtergrond

netBelgische achtergrondbuitenlandse achtergrondtotaal
aantalaandeelaantalaandeel
gemeente
gemeenschap
vrij
1456
1769
2666
54,1%
66,8%
69,5%
1234
879
1172
45,9%
33,2%
30,5%
2690
2648
3838
totaal589164,2%328535,8%9176
(Overname van cijfers toegestaan mits bronvermelding)

Qua culturele achtergrond - en deze stemt geenszins overeen met nationaliteitsgegevens - kan vastgesteld worden dat 5.891 kleuters (64,2%) een Belgische en 3.285 (35,8%) een niet-Belgische culturele achtergrond hebben .

1.4 Herkomst van de kleuters naargelang hun gebruikelijke gezinstaal

nethomogeen Nederlandstaligtaalgemengde gezinnenhomogeen Franstalighomogeen anderstaligtotaal
aantalaandeelaantalaandeelaantalaandeelaantalaandeel
gemeente
gemeenschap
vrij
403
406
912
15,0%
15,3%
23,8%
528
654
948
19,6%
24,7%
24,7%
846
931
1195
31,4%
35,2%
31,1%
913
657
783
33,9%
24,8%
20,4%
2690
2648
3838
Totaal172118,8%213023,2%297232,4%235325,6%9176
(Overname van cijfers toegestaan mits bronvermelding)

Belangrijker nog dan de culturele achtergrond is de taal die de kleuters in hun gezinnen meestal horen en spreken. 1.721 (18,8%) komen uit een homogeen Nederlandstalig gezin; 2.130 (23,2%) uit een taalgemengd, 2.972 (32,4%) uit een homogeen Franstalig en 2.353 (25,6%) uit een homogeen anderstalig gezin. Het Nederlands, de onderwijstaal, is dus aanwezig in de gezinnen van 3.851 (42,0%) kleuters.


1.5 Overstap van kleuter- naar lager onderwijs

netnaar Nederlandstalig lager onderwijs in Brusselnaar Nederlandstalig lager onderwijs buiten Brusselnaar Franstalig lager onderwijsin kleuteronderwijs geblevenonbekende bestemmingtotaal
aantalaandeelaantalaandeelaantalaandeelaantalaandeelaantalaandeel
GM
GO
GV
570
493
933
82,0%
75,6%
84,8%
12
15
27
1,7%
2,3%
2,4%
57
56
53
8,3%
8,5%
4,8%
17
27
45
2,4%
4,1%
4,0%
31
61
41
4,5%
9,3%
3,7%
687
652
1099
Totaal199681,0%542,0%1666,9%893,5%1335,8%2438

(GM: gemeentelijk onderwijs; GO: gemeenschapsonderwijs; GV: vrij gesubsidieerd onderwijs)
(Overname van cijfers toegestaan mits bronvermelding)

 Van de 2.438 “leeftijdsgerechtigde” derdejaarskleuters 1996-1997 zouden er 2.050 of 84,1% overgestapt zijn naar een Nederlandstalige lagere school. 1.996 vonden deze in Brussel en 54 in Vlaanderen. Anderzijds zouden 166 (6,8%) van hen terechtgekomen zijn in een Franstalige lagere school, meestal op advies van de Vlaamse schooldirecties. Van 133 (5,5%) kon de vermoedelijke lagere school niet achterhaald worden. En tenslotte - dit is een nieuwigheid in onze vragenlijst - kunnen wij vaststellen dat er 89 (3,6%) als niet-schoolrijp in het kleuteronderwijs gebleven zijn.



2. Lager onderwijs


2.1 Leerlingenaantallen op 01.02.1997 en op 01.02.1998

netaantal leerlingenevolutie
01/02/9701/02/98aantalrelatief
gemeente
gemeenschap
vrij
2274
2429
5522
2428
2483
5664
154
54
142
6,77%
2,22%
2,57%
totaal10225105753503,42%
(Overname van cijfers toegestaan mits bronvermelding)

In vergelijking met 1 februari van het vorige schooljaar kende het aantal leerlingen opnieuw een forse stijging : het nam van 10.225 met 350 (3,42%) toe tot 10.575 en overschrijdt voor het eerst sinds lang de kaap van de 10.500.

2.2 Herkomst van de leerlingen naargelang hun woonplaats

netbinnen Brussels gewestbuiten Brussels gewesttotaal
aantalaandeelaantalaandeel
gemeente
gemeenschap
vrij
1926
2010
3773
79,3%
81,0%
66,6%
502
473
1891
20,7%
19,0%
33,4%
2428
2483
5664
totaal770972,9%286627,1%10575
(Overname van cijfers toegestaan mits bronvermelding)

Meer dan drie vierden (7.709 of 72,90%) wonen binnen Brussel terwijl de overige 2.866 (27,10%) buiten de hoofdstad wonen.

2.3 Herkomst van de leerlingen naargelang hun culturele achtergrond

netBelgische achtergrondbuitenlandse achtergrondtotaal
aantalaandeelaantalaandeel
gemeente
gemeenschap
vrij
1383
1758
4620
57,0%
70,8%
81,6%
1045
725
1044
43,0%
29,2%
18,4%
2428
2483
5664
totaal776173,4%281426,6%1057
(Overname van cijfers toegestaan mits bronvermelding)

De overgrote meerderheid 7.761 (73,39%) heeft een Belgische culturele achtergrond terwijl de overige 2.814 (26,61%) een buitenlandse culturele achtergrond bezitten.


2.4 Herkomst van de leerlingen naargelang hun gebruikelijke gezinstaal

nethomogeen Nederlandstaligtaalgemengdhomogeen Franstalighomogeen anderstaligtotaal
aantalaandeelaantalaandeelaantalaandeelaantalaandeel
gemeente gemeenschap
vrij
614
554
2062
25,3%
22,3%
36,4%
510
777
1502
21,0%
31,3%
26,5%
667
629
1349
27,5%
25,3%
23,8%
637
523
751
26,2%
21,1%
13,3%
2428
2483
5664
totaal323030,5%278926,4%264525,0%191118,1%10575
(Overname van cijfers toegestaan mits bronvermelding)

Qua gebruikelijke gezinstaal ziet de toestand er als volgt uit. 3.230 (30,55%) komen uit een homogeen Nederlandstalig, 2.789 (26,37%) uit een taalgemengd, 2.645 (25,01%) uit een homogeen Franstalig en 1.911 (18,07%) uit een homogeen anderstalig gezin. Ook hier kan gesteld worden dat het Nederlands aanwezig is in de gezinnen van 6.019 (56,92%) leerlingen.

2.5 Eerste leerjaar lager onderwijs

netuit eigen kleuterschooluit Nederlandstalige kleuterschool binnen Brusseluit Nederlandstalige kleuterschool buiten Brusseluit Franstalige kleuterschoolonbekendtotaal
aantalaandeelaantalaandeelaantalaandeelaantalaandeelaantalaandeel
GM
GO
GV
467
435
818
79,42%
82,54%
77,39%
85
69
167
14,46%
13,09%
15,80%
16
8
46
2,72%
1,52%
4,35%
13
4
16
2,21%
0,76%
1,51%
7
11
10
1,19%
2,09%
0,95%
588
527
1057
Totaal172079,19%32114,78%703,22%331,52281,29%2172

(GM: gemeentelijk onderwijs; GO: gemeenschapsonderwijs; GV: vrij gesubsidieerd onderwijs)
(Overname van cijfers toegestaan mits bronvermelding)

Het eerste leerjaar lager onderwijs is bevolkt met juistgeteld 2.172 leerlingen. 1.720 (79,19%) van hen komen uit de eigen kleuterschool, 321 (14,78%) uit een andere Nederlandstalige kleuterschool in Brussel, 70 (3,22%) uit een kleuterschool in Vlaanderen, toch nog 33 (1,52%) uit een Franstalige kleuterschool en van 28 (1,29%) is de kleuterschoolherkomst onbekend. De belangrijkste vaststelling bij deze cijfers is dat minstens 2.106 (97,19%) eerstejaarsleerlingen tenminste drie jaar Nederlandstalig kleuteronderwijs achter de rug hebben vóór zij de Vlaamse lager school aanvatten. Op taalgebied beschikken zij dus over een nogal stevige basis om het lager onderwijs met vrucht te kunnen volgen.



3. Secundair onderwijs


3.1 Aantal scholieren op 01.02.1996 en op 01.02.1997

netaantal leerlingen evolutie
01/02/9701/02/98aantal relatief
off. gesubs.
gemeenschap
vrij
1509
3223
7251
1395
3245
7052
-114
22
-199
-7,55%
0,68%
-2,74%
totaal1198311692-291-2,43%
(Overname van cijfers toegestaan mits bronvermelding)

In vergelijking met 1 februari 1997 is het aantal scholieren met 291 (2,43%) gedaald tot 11.692 . In één schooljaar tijd ging het equivalent van een secundaire school verloren.


3.2 Scholieren naargelang de woonplaats

netbinnen Brussels gewestbuiten Brussels gewesttotaal
aantalaandeelaantalaandeel
gemeentelijk
VGC
gemeenschap
vrij
467
121
1659
2122
54,4%
22,5%
51,1%
30,1%
391
416
1586
4930
45,6%
77,5%
48,9%
69,9%
858
537
3245
7052
totaal436937,4%732362,6%11692
(Overname van cijfers toegestaan mits bronvermelding)

In tegenstelling met het basisonderwijs woont nog bijna twee derden van het aantal scholieren (7.323 of 62,63%) buiten het Brusselse hoofdstedelijk gewest terwijl de overigen (4.369 of 37,37%) binnen Brussel wonen.


3.3 Scholieren naargelang hun culturele achtergrond

netBelgische achtergrondbuitenlandse achtergrondtotaal
aantalaandeelaantalaandeel
off. gesubs.
gemeenschap
vrij
1238
2745
6570
88,7%
84,6%
93,2%
157
500
482
11,3%
15,4%
6,8%
1395
3245
7052
totaal10553
90,3%11399,7%11692
(Overname van cijfers toegestaan mits bronvermelding)

1.139 scholieren (9,74%) hebben een buitenlandse en 10.553 (90,26%) hebben een Belgische culturele achtergrond. Over de verschillende jaren heen stijgt het aantal scholieren met een niet-Belgische culturele achtergrond voortdurend.


3.4 Scholieren naargelang hun gebruikelijke gezinstaal

nethomogeen Nederlandstaligtaalgemengdhomogeen Franstalighomogeen anderstaligtotaal
aantalaandeelaantalaandeelaantalaandeelaantalaandeel
off. gesubs.
gemeenschap
vrij
812
97
4791
58,21%
52,30%
67,94%
355
30
1337
25,45%
28,66%
18,96%
88
77
630
6,31%
11,62%
8,93%
140
241
294
10,04%
7,43%
4,17%
1395
45
7052
totaal730062,44%262222,43%10959,37%6755,77%11692
(Overname van cijfers toegestaan mits bronvermelding)

Ook qua “anderstaligheid” en gebruikelijke gezinstaal verschilt de situatie in de secundaire scholen grondig van deze in het basisonderwijs . 7.300 scholieren (62,43%) komen uit een homogeen Nederlandstalig, 2.622 (22,43%) uit een taalgemengd, 1.095 (9,37%) uit een homogeen Franstalig en 675 (5,77%) uit een homogeen anderstalig gezin. Bovendien heeft de overgrote meerderheid van de scholieren (1.770 of 15,14%), bij wie het Nederlands niet actief aanwezig is in het gezin, meestal zowel zes jaar Nederlandstalig lager en drie jaar Nederlandstalig kleuteronderwijs achter de rug.


3.5 Eerste jaar secundair onderwijs

netuit Nederlandstalig lager onderwijs binnen Brusseluit Nederlandstalig lager onderwijs buiten Brusseluit Franstalig lager onderwijsonbekend of andere herkomsttotaal
aantalaandeelaantalaandeelaantalaandeelaantalaandeel
GM
GO
GV
110
439
626
60,11%
73,17%
54,11%
45
51
508
24,59%
25,17%
43,91%
0
1
6
0,00%
0,17%
0,52%
28
9
17
15,30%
1,50%
1,47%
183
00
1157
totaal117560,57%70436,29%70,36%542,78%1940

(GM: gemeentelijk onderwijs; GO: gemeenschapsonderwijs; GV: vrij gesubsidieerd onderwijs)
(Overname van cijfers toegestaan mits bronvermelding)

Het eerste leerjaar secundair onderwijs telt momenteel 1.940 scholieren . Dat zijn er 10 meer dan tijdens het voorbije schooljaar. 1.175 van hen (60,57%) zijn overgestapt uit een Nederlandstalige lagere school in Brussel, 704 (36,29%) uit een lagere school in het Vlaamse landsgedeelte, amper 7 (0,36%) uit een Franstalige lagere school en van 54 (2,78%) eerstejaarsscholieren is de schoolse herkomst onbekend. Van deze 54 “onbekenden” zijn er evenwel 20 opgenomen in de ene “onthaalklas voor anderstalige nieuwkomers” die Brussel rijk is.

Bij de herkomst van de eerstejaarsscholieren naargelang van hun lagere school, moeten twee belangrijke kanttekeningen gemaakt worden:

  1. Van de 1.398 zesdejaarsleerlingen lager onderwijs in Brussel tijdens het schooljaar 1996-1997 stapten er 1.175 (84,05%) over naar een Vlaamse secundaire school in de hoofdstad. Van een massaal verlies aan Vlaanderen en het Franstalig onderwijs is dus geen sprake;
  2. 704 eerstejaarsscholieren (36,29% van het totaal) komen rechtstreeks uit een lagere school in het Vlaamse gewest. Het Nederlandstalig secundair onderwijs in Brussel blijft dus nog altijd een relatief grote aantrekkingskracht uitoefenen op de Vlaamse rand.

Circa 46% van de eerstejaarsscholieren woont in het Brusselse hoofdstedelijk gewest en ongeveer 48% in het arrondissement Halle-Vilvoorde. De overige 6% woont verspreid over België met een “piek” van 3% in het arrondissement Leuven.

 
Onderwijsbeleid van de VGC Leren Werken
contactinfo
loket
links

meer links

beleidsinfo

meer beleidsinfo