Home - Zoek - Sitemap - Contactinfo - Reageer - Vacatures - Links - Brussel in kaart
Algemeen Cultuur, Jeugd en Sport Welzijn en Gezondheid Onderwijs
Situering
Beleidsteksten
Financiƫn
Het College
De Raad
Administratie
Bibliotheek
Gemeenschapscentra
Scholen
logo vlaamse gemeenschapscommissie

Over het Brussels Nederlandstalig onderwijs

Leerlingentelling op 1 september 1998


Inleiding


Bij de Vlaamse Gemeenschapscommissie wordt telkens vol spanning uitgekeken naar de evolutie die de schoolbevolking van het Nederlandstalig basis- en secundair onderwijs doormaakt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.

Bij de septembertelling 1998-1999 werpen zich onmidddellijk een aantal vragen op:

  1. Zal de opgang die het kleuteronderwijs al jaren na mekaar kenmerkt zich verder zetten, ondanks het feit dat in Vlaanderen op basis van de geboortecijfers een verlies van 2,85% (cijfers van NSKO) wordt verwacht ?
  2. Zal de voor het lager onderwijs verwachtte toename,van 1,1% in Vlaanderen zich ook in Brussel voltrekken (cijfers van NSKO)?
  3. Zal de afname van het scholierenaantal in het secundair onderwijs zich verderzetten zoals ook dit jaar in Vlaanderen verwacht wordt en wel met 1,5 % (cijfers van NSKO)?
  4. Was de toename van het aantal leerlingen in het eerste jaar van het secundair onderwijs vorig jaar een toevalstreffer of het begin van een mogelijke kentering?


1. Kleuteronderwijs

In het kleuteronderwijs doet zich dit jaar een spectaculaire stijging voor. Het aantal kleuters neemt toe met 411 (5,1 %) en evolueert van 8.035 naar 8.446.

Het is sinds 1984 geleden dat de toename op 1 september zo groot was. Toen werden niet minder dan 466 kleuters meer geteld dan op 1 september 1983.

aantal kleutersverschil
01.09.199701.09.1998aantalrelatief
gemeentelijk onderwijs
gemeenschapsonderwijs
vrij onderwijs
2319
2303
3413
2418
2420
3608
99
117
195
4,3%
5,1%
5,7%
totaal803584464115,1%
(Overname van cijfers toegestaan mits bronvermelding)


Het feit dat in de telling van dit jaar voor het eerst ook de gegevens van de Rudolf Steinerschool te Anderlecht werden ingecalculeerd, is lang niet de enige reden voor deze stijging. De toename doet zich trouwens voor in de 3 onderwijsnetten. Uit de februaritelling van 1999 zal moeten blijken welke factoren deze stijging in de hand hebben gewerkt.

Opmerkelijk is eveneens dat het verwachte verlies van 2,85 % in Vlaanderen lijnrecht tegenover de 5,1 % aanwinst in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest staat.


2. Lager onderwijs

In het lager onderwijs kent men dit jaar ook een flinke toename in het leerlingenaantal, namelijk van 10.569 naar 10.963 of een toename met 394 leerlingen (3,7 %).

Pas twee jaar geleden overschreden we de kaap van 10.000 leerlingen, nu naderen we reeds de 11.000 !

aantal leerlingenverschil
01.09.199701.09.1998aantalrelatief
gemeentelijk onderwijs
gemeenschapsonderwijs
vrij onderwijs
2376
2491
5702
2495
2604
5864
119
113
162
5,0%
4,5%
2,8%
totaal10569109633943,7%
(Overname van cijfers toegestaan mits bronvermelding)


Dit jaar werden voor het eerst de gegevens van de Rudolf Steinerschool te Anderlecht opgenomen in de telling. Het spreekt voor zich dat dit niet de enige reden is voor de toename. De stijging van het leerlingenaantal in het gemeentelijk en het gemeenschapsonderwijs is trouwens groter dan in het vrije onderwijsnet, waartoe de Rudolf Steinerschool behoort.

De verwachte stijging in Vlaanderen met 1,1 % wordt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest overtroffen door een toename van 3,7 %.


3. Secundair onderwijs

In het secundair onderwijs doet zich sinds een paar jaar een afname in het scholierenaantal voor en dit zowel in Vlaanderen als in Brussel.

In Vlaanderen verwachtte men dit jaar een daling van 1,5 %. In Brussel is dit niet anders en kunnen we zelfs een verlies vaststellen van 232 scholieren (2,0 %) van 11.694 naar 11.462.

aantal scholierenverschil
01.09.199701.09.1998aantalrelatief
gemeentelijk onderwijs
gemeenschapsonderwijs
vrij onderwijs
1397
3240
7057
1306
3206
6950
-91
-34
-107
-6,5%
-1,0%
-1,5%
totaal1169411462-232-2,0%
(Overname van cijfers toegestaan mits bronvermelding)


Als voornaamste redenen voor dit verlies kunnen we naast de verdere afbouw van een school, een fenomeen aanhalen dat ons vorig jaar reeds parten speelde en zich nu nog uitbreidt. Er is namelijk een opmerkelijk leerlingenverlies vast te stellen bij de overgang van het derde naar het vierde (-114) en van het vijfde naar het zesde jaar secundair onderwijs (-241). Vorig jaar ging het nog om 110 scholieren bij de overgang van drie naar vier en 203 scholieren van vijf naar zes.

De toename van het aantal scholieren in het eerste jaar van het secundair onderwijs die vorig jaar werd vastgesteld, herhaalt zich en vindt zelfs uitbreiding. Dit jaar telt men in het eerste jaar secundair onderwijs 95 leerlingen (4,85 %) meer dan op 1 september 1997. Vorig jaar kende men een toename van 46 leerlingen, toen goed voor een stijging van 2,40 %.


4. Buitengewoon onderwijs

Dit jaar werd voor het eerst ook een spoedtelling op 1 september doorgevoerd voor de schoolbevolking van het buitengewoon onderwijs. Aangezien we nog niet over gegevens beschikken die een evolutie kunnen schetsen, geven we enkel de cijfers mee:
  • In het buitengewoon kleuteronderwijs tellen we 93 kleuters.
  • Het buitengewoon lager onderwijs wordt vertegenwoordigd door 383 leerlingen.
  • In het buitengewoon secundair onderwijs lopen 424 kinderen school.
 
Onderwijsbeleid van de VGC Leren Werken
contactinfo
loket
links

meer links

beleidsinfo

meer beleidsinfo