Traject Brede Scholen

Brede Scholen zijn geweldig. Ze zetten de schoolpoort open en halen de buurt binnen. Toch kan de manier waarop brede scholen in Brussel vandaag georganiseerd zijn nog beter. De VGC startte in 2021 een traject om dat aan te pakken

Een duurzame verankering en versterking van Brede School in Brussel

Duurzame verankering en versterking

Toch kan de manier waarop brede scholen in Brussel vandaag georganiseerd zijn nog beter. De VGC startte in 2021 een traject om dat aan te pakken. Wat nodig is? Een betere samenwerking, meer openheid en heldere afspraken. Precies de fundamenten die in elke afzonderlijke Brede School zo belangrijk zijn.

Wat is een Brede School?

Een Brede School is een duurzame samenwerking tussen verschillende organisaties of verenigingen uit dezelfde buurt, waaronder één of meerdere scholen. Samen zorgen zij voor een brede leer- en leefomgeving: zowel tijdens de schooluren als in de vrije tijd, net zo goed in de buurt als op school. Brede Scholen vergroten zo de ontwikkelingskansen voor de leerlingen van Nederlandstalige scholen. Bijzondere aandacht gaat daarbij naar kinderen en jongeren in armoede​.

Doel van het traject

De VGC geeft samen met de Brede Scholen zelf vorm aan een ondersteuningsmodel dat duurzaam is en werkt voor iedereen. Zo kunnen we de Brede Scholen in Brussel verankeren, verspreiden en versterken.

Zo’n hervorming vertrekt van het geloof in het belang van Brede Scholen, en werd ook afgesproken in het Bestuursakkoord 2019-2024, ‘Brussel is wat we delen’.

De situatie vandaag

De Vlaamse Gemeenschap en de VGC subsidiëren momenteel 29 Brede Scholen in Brussel. Inhoudelijke ondersteuning komt van het Onderwijscentrum Brussel (OCB).

In 15 van de 19 Brusselse gemeentes zijn Brede Scholen. In 10 gemeentes zijn zelfs alle Nederlandstalige scholen verbonden aan een Brede School.

De organisatie van de Brede Scholen verschilt sterk van plek tot plek. Dat heeft gevolgen voor de coördinatoren, de werking en het aantal bereikte ketjes.

Er zijn verschillende werkgevers voor de coördinatoren:

  • 12 gemeentebesturen
  • 11 scholen
  • een vzw voor jeugd, een gemeentelijke vzw en een gemeenschapscentrum

Er zijn verschillende modellen:

  • bij een nestmodel werkt één school samen met de buurt
  • bij een campusmodel speelt de samenwerking zich af op dezelfde campus
  • bij een webmodel werken meerdere scholen samen met elkaar en met de buurt

Het laatste model telt 22 Brede Scholen, 4 scholen volgen het nestmodel en op 3 plekken werkt het campusmodel.

Uitdagingen en uitgangspunten

Vandaag stellen we enkele werkpunten vast:

  • veel kinderen en jongeren worden nog niet bereikt
  • het opdrachtenkader van een Brede School is niet duidelijk genoeg
  • de werkgevers en statuten van de verschillende coördinatoren Brede School zijn onderling te verschillend
  • de betrokkenheid en verankering van de werking van een Brede School binnen de scholen kunnen soms beter

Het traject om Brede Scholen in Brussel te verduurzamen vertrekt van de volgende uitgangspunten:

  • Brede Scholen worden duurzaam en structureel ondersteund
  • elke school kan op termijn deel uitmaken van een netwerk Brede School
  • Brede Scholen zijn een hefboom voor kinderen en jongeren in kansarmoede
  • coördinatoren krijgen een meer eenvormig statuut
  • een helder opdrachtenkader voor Brede School
  • Brede School creëert via een duurzaam netwerk van partners een brede leer- en leefomgeving
  • Brede Scholen zijn netwerken waarvan meerdere scholen deel uitmaken

Brede Scholen werken voor een diversiteit aan leeftijdsgroepen

Hoe ziet het traject eruit?

Bij Brede Scholen zijn altijd heel wat personen, organisaties en overheden betrokken. In dit traject doen zij op verschillende momenten en op verschillende manieren mee.

Het traject bestaat uit drie fases:

  • input bevragingen en overlegmomenten met verschillende betrokkenen, waaronder de coördinatoren, stuurgroepen van de Brede Scholen en werkgevers.
  • verdieping en modelkeuze: gesprekken met doelgroepen van de Brede Scholen; er wordt dieper ingegaan op belangrijke inhoudelijke en organisatorische uitdagingen. Vervolgens worden modellen gesimuleerd en hun impact in kaart gebracht. Een (selectie van) model(len) wordt voorgelegd aan het College van de VGC die de uiteindelijke keuze maakt rond het toekomstige model.
  • invoering: afhankelijk van het model dat gekozen wordt, is er een periode voorzien voor de invoering. We hopen in de zomer van 2023 van start te kunnen gaan in het nieuwe model.